Posts tonen met het label wat groeit er in mijnen hof. Alle posts tonen
Posts tonen met het label wat groeit er in mijnen hof. Alle posts tonen

maandag 9 juli 2012

De eerste week.

De eerste week van de vakantie. De week dat we veel in de zetel zaten. Nog niet goed wetende wat met al die vakantie aan te vangen.
We stonden wat in ons deurgat.


We liepen wat op de stoep.


We plakten achteloos wat briefjes op de muur, van wat we tijdens De Vakantie eens allemaal zouden doen.

En uiteindelijk deden we niets.

Tot we ontdekten dat:
* wat we in de voortuin als de elegante maar oneetbare reukerwten meenden geïdentificeerd te hebben de buitengewoon lekkere kapucijnererwten waren


* de eerste courgette nog maar het begin was


* er een kikkererwt ontluikte op onze vensterbank


* de bobessen blauw begonnen te kleuren en de aardbeien rood.

Toen begon de vakantie echt. Vanaf dat moment waren we niet meer weg te slaan uit de plantage.


En dachten we plots niet meer aan uitstapjes naar Watou of Sol Lewitt. Deze dagen geen kunst of krant bij het ontbijt. Wel: wat eten we vanavond? Het antwoord is zo eenvoudig als wat en het doet ons eigenlijk al voor het opstaan inwendig juichen: de oogst van de dag!

Vandaag zag die er zo uit:


En een half uur later zo:


Meer moet dat niet zijn, De Vakantie.

zondag 24 juni 2012

De wilde weelde.

Wat groeit er deze dagen in mijnen hof? Geen idee, een botanisch talent zal ik nooit zijn. Maar de voortuin ziet er ronduit fantastisch uit. Met nogmaals veel dank aan Mier. Een blik:

Bieslook! Dat had u ook gezien.

Een druivelaar! Een van de drie. Gekocht bij de kruisbessenproeftuin, een heerlijke plek op aarde. 

Kamperfoelie! Die geur!

Reukerwten. Ze slingeren zich wild en chaotisch rond de klimpalen. Zo heb ik het graag. Prachtige bloemen ook.

Tot zover het voortuingroen dat voor mij herkenbaar is. Naar mijn vermogen al niet slecht. Dan volgt nu de rest: 


Lichtpaarse bloemen met bijtjes. Het zoemt daar trouwens serieus, in onze voortuin. Heel gezellig.


Nog iets paars. Met een drielobbig bloemblad, of hoe heet dat. Ik heb een Flora, maar ik zou hem eens moeten gebruiken. In elk geval: ook schoon!

Zo'n frêle bloemetjes, die zomaar van tussen het gesteente opduiken. Daar word ik week van. 

Van alles wat. De witte bloemen zijn rucola. De rest ruikt en smaakt ook lekker.

Mijn favoriet! Iets tijm-achtigs. Een geur die herinnert aan het zonnige Zuiden, ieniemini bloemetjes met een betoverend intense kleur. Maar wat staat daarnaast? Zijn dat wortelen?

Volgens mij is dit koraal. Het kan bijna niet anders. 

Een tuinkabouter. 's Ochtends in de vroegte. Onze voortuin is namelijk zo'n fijn plekje dat we daar 's morgens, na het uitwuiven van de mannen, onze teatime hebben, de dochter en ik. In onze pijama.

En dan is er nog veel meer. Elvendertig verschillende soorten sedum, kruipmunt, echinacea, stokrozen, rabarber, pastinaak,... Een weldadige weelde aan geuren, kleuren, beesten, alles door elkaar. We zijn er wild van.










dinsdag 1 mei 2012

bos tuin fiets.



"We waren even den bos in, we scharrelden wat in de tuin, we scheurden wat door Gent op ons nieuw rijwiel, maar nu zijn we er weer." Dat was de aanhef van mijn nieuwsbrief van 2 dagen terug. Geen luis die wist waarover ik het had, maar ik vond het wel goed klinken en ging er bovendien al lang eens over bloggen. Edoch: geen tijd. We waren namelijk eerst even den bos in, vervolgens scharrelden we wat in de tuin en ten slotte scheurden we door Gent op ons nieuw rijwiel.  
1. Den bos in. Letterlijk. De paasvakantie bracht de familie GOEDvandoen in de bossen waar Louis XIV ooit de jachthoorn blies. De dagen waren zonnig en vol vertier.

(met dank aan Chicken Rhythm voor de knielappen, anders had u op mijn blote knieën moeten kijken)

(de dochter exploreerde de natuur en al haar mogelijkheden)
In het bos stond een hut, goed voor mens en milieu - ja, ook op vakantie slepen wij ons geweten mee -, waar Louis XIV hoogstens zijn paard op stal zou gezet hebben. Leuk was het daar, al waren de nachten erg koud, maar eveneens vol vertier.



2. Tuingescharrel. Onze oprit, die zag nogal grijs. Een erfenis van de vorige bewoners: klinkers à volonté, netjes in geometrische patronen op de oprit gebetonneerd, afgewisseld met buxushaagjes. Louis XIX zou goedkeurend geknikt hebben. Op een dag kon ik het niet meer aanzien. M., altijd hulpvaardig en daadkrachtig als geen ander, gooide nog geen uur nadien de klinkers eruit. Toen keken we uit op een lap naakte beton. Ook leuk. Een half jaar later deden we dat nog steeds. Zelfs M. wist met dat lapje oprit geen raad. En toen botsten we op Mier. "Turning grey into green" is hun slogan. Net wat we zochten. Straffe mannen. Ecologisten pur sang. We nodigden meneer Mier uit voor een bezoek en we wisten het meteen: dit is de messias die onze oprit komt redden. En dat deed hij. Kijk:

Zo begon het ongeveer:


Tegen het middaguur zag het er zo uit: 

(3 kastanjehouten klimpalen, substraat en lavastenen)
En in de vooravond groeiden er plots wel meer dan 100 plantjes tussen het gesteente: 

(en waren er nog veel meer tussen gezaaid)

Ongelooflijk schoon. Een oprit vol groen. Eetbaar groen dan nog. Je kan het zo gek niet bedenken of het groeit en bloeit daar. Bieslook, kamille, venkel, marjolein, rabarber, rozemarijn, salie, bonenkruid, tijm in alle soorten en geuren. Enfin, noem iets en ik vind het wel ergens terug. Aan de klimpalen groeien weldra bonen en druifjes. Wat een walhalla! Het wordt bovendien elke dag mooier. We rijden er met onze fietsen over en zelfs met onze auto* en elke keer krijg je er een heerlijke aromatherapie bovenop. Fantastisch. 

3. Het rijwiel. Kort en bondig (dat is me niet altijd gegeven, maar u hebt al genoeg gescrolld): de bakfiets was 6 weken buiten gebruik wegens panne en dat was de perfecte aanleiding om ons fietsenpark uit te breiden met de Onderwaterfiets, die eigenlijk al lang in onze gespierde kuiten beet. Sjezen!  



(* onze auto: die hebben we nog. Het autovasten was een geslaagd experiment, al heb ik op die 40 dagen tijd wel 2 maal gezondigd. Maar kom, die 2 ritten hadden perfect een cambiootje kunnen zijn. En toch... blijft die auto voorlopig nog op onze oprit geparkeerd. Met de nadruk op geparkeerd.)

zaterdag 14 januari 2012

De comeback.

En toen was ze er weer. Na een afwezigheid van dik 2 maanden. Mea culpa. Bloggen is een arbeidsintensieve gelegenheid. Of misschien ben ik gewoon vaak te lui. Anyway, ik ben er weer. Ik wist het vanmorgen al, van zodra ik wakker werd. Opeens was ik in gedachten aan het bloggen. "Okay, today is the day", peinsde ik. En ik hield woord. 

Ik zat de voorbije 2 maanden niet stil, weet u. En misschien is dat wel de simpele reden waarom ik niet blogde. Als ik al eens een uur stilzat, was het om pakjes te maken die dan razendsnel de deur uit moesten om voor kerst of voor nieuwjaar in de juiste handen te vallen. Tegen dat we hier thuis zelf aan de cadeautjes mochten beginnen, kwamen de cadeautjes nog net niet mijn oren uit. 

Maar bon, daarnaast gebeurden er nog andere spannende dingen ten huize H&M. 

* We gingen aan de bokashi-emmer. Ontzettend leuk is dat. En simpel! Daar kunnen onze wormen nog een puntje aan zuigen. Al (maar echt àl) het keukenafval (zelfs gekookte etensresten) zwier je in die emmer, je strooit er een handvol zemelen (bokashi-starter) over, stampt het geheel wat aan, peert er snel het deksel op en dat herhaal je tot de emmer vol zit. Vervolgens 2 weken laten rusten (lees: anaëroob fermenteren) en je hebt een goedje waar je de aarde in je tuin mee kan verbeteren, je planten mee kan voeden en zelfs je WC mee kan ontstoppen. Hot!

* We groeven een compostsleuf in de tuin. Na het tuinieren in kisten en bakken vorig jaar gaan we dit jaar voor the real stuff: moestuinieren in volle aarde. We bakenden al een stuk van de tuin af waar das Experiment zal plaatsvinden en omdat we niet minder dan een topoogst ambiëren, groeven we op die plaats een sleuf die we vulden met groente- en fruitafval. Weer een laagje aarde erover (ja, dat is wel een must), een paar maanden laten rusten en wooohooo, als dat geen toppompoenen en -courgetten worden dan weet ik het niet meer. 

* Onze nachtkastjes vulden zich met boeken. Het begon met Overleven op je eigen km2, het boek dat begin december in mijn shop arriveerde en dat we ondertussen 'onze bijbel' noemen. Het was ook daar dat we over de bokashi-emmer lazen en tips vonden voor de compostsleuf. Op elke pagina staat wel iets bruikbaars, nuttigs en inspirerends. En het boek telt 304 pagina's. Hellup! 
Vervolgens plunderden we de bibliotheek. Blijven we maar verlengen: De hongerige stad van Carolyn Steel en De eetbare tuin van Alys Fowler. En ook: Boomhutten en speelhuizen, maar dat is dan weer een ander verhaal. Ik ging ook op zoek naar een geweldig goed kookboek, nadat Lisettes Ecofabulous koken was uitverkocht. Ik experimenteerde aan mijn eigenste fornuis naar hartelust met Plenty van Yotam Ottolenghi, maar vond dat nu eigenlijk toch zo geen giller. Ik deed het ook een poos met Puur Plantaardig van Hertsenberg & Bokma, maar dat ziet er niet alleen wat slapjes uit, de recepten zijn dat naar mijn mening ook. Tips zijn dus altijd welkom. Al vond ik ondertussen ook wel dat ene vernieuwende, pittige en spannende kookboek, dat ik weer van voor naar achter en van achter naar voor ga lezen, besmeuren en bekokkerellen. Wait and see... vanaf ca midden februari in de shop. 

* En last but not least: we kregen bezoek. En wat was me dat? Het was bezoek dat onze ogen deed rollen van inspiratie, onze oren deed flapperen van indrukken en onze tongen deed likkebaarden van goesting om alweer in onze tuin te kruipen. Het was meneer Mier die ons in die toestand bracht. Die man weet zowat alles van groendaken, permacultuurtuinen, kastanjeconstructies, beestentorens, bouwen met afvalhout en nog veel meer. Hij maakte een geweldig ontwerp voor onze voortuin, die intussen al 4 maanden braak ligt en dat nog 4 maanden zal doen. Maar dan, dan hé, dan wordt dat hier het mooiste en lekkerste lapje groen van de Gentse suburbia. 

Ik kijk er al naar uit. En ook naar de bosbessen die op een mooie dag aan dit minuscuul struikje zullen bloeien.






zondag 2 oktober 2011

Open Bedrijvendag, savooikool en transitie.

Ik ga het kort houden. Het is zondagavond, ik heb een knoert van een verkoudheid én ik deed vandaag (en gisteren) mee aan de Open Bedrijvendag. Al had ik het zelf zo nog niet bekeken. Naar aanleiding van de eerste verjaardag van GOEDvandoen zette ik dit weekend namelijk de deuren open van het hoofdkwartier. Als je het reilen en zeilen van mijn Bedrijf wat volgt, moet je daar ergens wel iets van opgevangen hebben. Ik noemde het een "ontmoet en groet" en dat werd het ook. Zeer gezellig, een sapje, een cakeje, de buurman, de tante, een resem vrienden en nog wat diehards van klanten die liever de koelte van mijn pashok opzochten dan de hitte van de barbecue. Heel sympathiek. Wegens aanslepende werkzaamheden op mijn erf had ik voor de gelegenheid een groene loper uitgerold en in de rapte een savooikool geplant. En dat trok ook nog wat publiek. De openbedrijvendaggangers, dus. Enfin, erg interessant allemaal.


Maar dus: momenteel ben ik even gaar als die savooikool die 2 dagen in de blakke zon tussen het puin lag te stoven, dus ik lig in de zetel met een zak koeken andere blogs af te schuimen. En haha, die Mme Zsazsa is weer zo goed! Ze heeft het voor de gelegenheid eens over transitie en al. Lees maar hier. Ze heeft ook een wedstrijdvraag. En het is deze keer niet van het mooiste kleedje kiezen of zo. Nee, het is deze, ik citeer:

"Degene die het concept transitie in de context van ecologie duidelijk en zo bondig kan uitleggen dat het interessant blijft, in normalemensenwoorden* wint een transitiekadoo. *Denk Colruyt ipv natuurwinkel"

Zo, dat lijkt me nog eens een vraag voor jullie, lieve lezers. Ideaal om daar eens op deze zomerse zondagavond over na te denken. Ik doe ook mee! Maar niet vanavond. Eerst mijn koeken opeten.

zondag 20 maart 2011

Opwinding.

Het weekend werd aan tafel doorgebracht. Etend, uiteraard. Veel etend. Maar ook studerend en plannend. Ik heb namelijk grootscheepse plannen voor de tuin. Dit jaar niet alleen grassen, een zandbak en een bermpje los uit de pols gezaaide veldbloemen. Nee, ik daag mezelf uit. Een heuse moestuin moet het worden. Maar ik ben een stadsmens. En dat zaaien, ik kan dat niet vanuit de buik. Dus ik studeer, noteer en markeer. Ik heb zo een paar goede bronnen. Om maar iets te noemen: Zelfgeoogst, een olijk, poepsimpel moestuinboek, toevallig nog eens te koop in mijn shop ook. En via la Zsazsa botste ik ook op Wilde venkel & rabarber, een heerlijk tuin- en kookboek, bij elkaar geschreven door 2 Nederlandse tuinierende dames. Zaaidrang dat je daarvan krijgt! Ik had de eerste bladzijde nog niet goed en wel gelezen of ik was al begonnen. Zeer bescheiden, met wat kruiden (peterselie, bieslook en basilicum), de makkelijkst kweekbare groente op aarde (radijs), pluksla (omdat ik niet altijd met een volledige krop sla opgescheept wil zitten) en voor de grap kocht ik 2 bloemkool- en een half dozijn broccoliplantjes. Wordt zeker nog aangevuld met rode bieten, courgette en god weet welke zaadjes me de komende weken nog allemaal zullen verleiden. Het hoeft dus niet gezegd dat ik er de laatste tijden nogal opgewonden bij loop, met al die zaaisels en kweeksels op mijn vensterbank.

Nog meer opwinding: in mei leg ik zowat elk weekend een ei. GOEDvandoen gaat namelijk live. Op moederkensdag (8 mei) kunnen jullie mij en mijn bazaar spotten op Tapisplage in Oostende, op 22 mei is het in Brugge te doen met De Vitrine en op zaterdag 28 en zondag 29 mei speel ik een thuismatch bij Petit Bazaar. Het eerste weekend van mei is er ook nog iets heel leuks en gezelligs, maar dat hou ik nog even voor mezelve. Kwestie van later ook nog iets te vertellen te hebben. Maar dus: ik moet een stand in elkaar boksen. Dat wordt zwaar bricoleren. Wilde ideeën genoeg, maar tot u spreekt geen handige henriëtta. Gelukkig is er nog de man M. En Rietveld natuurlijk. Inspirerend boek. Ik studeer, noteer en markeer. Alweer.


Oh ja. De zoon zit ook graag mee aan tafel. Dat bruingroenoranje ding midden boven in het beeld, dat is een drakeneiland. Maar dat had u ongetwijfeld al in het snuitje. 
En oh ja. We hebben heus meer dan 1 toile cirée. Meer bepaald 2. Alleen zijn het 2 identieke. Maar ik realiseer me best wel dat ik dringend eens van die blozende appeltjes moet afwijken, kwestie van het voor u ook wat opwindend te houden.